De kleurloze Tsukuru Tazaki en zijn pelgrimsjaren – Haruki Murakami

De kleurloze Tsukuru Tazaki en zijn pelgrimsjaren Boek omslag De kleurloze Tsukuru Tazaki en zijn pelgrimsjaren
Haruki Murakami
Roman
Atlas Contact
2014
Hardcover
364
Jacques Westerhoven

 

Tsukuru Tazaki is opeens helemaal alleen. Zijn jeugdvrienden, die zijn achtergebleven in zijn geboortestad toen hij in Tokyo ging studeren, willen hem van de ene op de andere dag niet meer kennen. En hij heeft geen idee waarom. Verlangen - naar vriendschap, liefde, een verloren jeugd: het is ondertussen een klassiek thema in het universum van Haruki Murakami, nu weer voortreffelijk verbeeld in zijn melancholieke, kleurloze hoofdpersoon.


Weemoed, misverstand en berusting

Je hebt schrijvers die in wezen telkens hetzelfde boek schijven. De variatie zit dan vooral in het verhaal, de vorm en de personages, niet in de essentie. Haruki Murakami is gelukkig een ander soort auteur. Mijn kennismaking met hem was het onvolprezen Kafka op het strand. De kleurloze Tsukuru Tazaki en zijn pelgrimsjaren is heel anders. En vrijwel net zo goed.

Tsukuru Tazaki is in zijn schooltijd lid van een kleine hechte groep van vier vrienden. Ze hebben een kleur als bijnaam die is afgeleid van hun achternaam. De jongens worden Rood en Blauw genoemd, de meisjes Wit en Zwart. Alleen Tsukuru heeft geen bijnaam. Zijn naam betekent maker, een tikkeltje omineus, hij groeit uit tot bouwer van treinstations. De vijf doen alles samen, maar aan onderlinge relaties doen zij niet. Namen en de betekenissen daarvan zijn belangrijk, ook bij de andere personages.

Op een dag krijgt Tsukuru, vanuit het niets, de mededeling dat hij niet meer welkom is. Pogingen om contact te krijgen met zijn (voormalige) vrienden zijn vruchteloos. Het bezorgt hem een depressie die hem maandenlang dichtbij zelfmoord brengt. Hij herstelt, voltooit zijn opleiding, vindt werk en heeft wat losse relaties. Hij ontmoet Sala, een iets oudere vrouw. Zij weet Tsukuru duidelijk te maken dat een relatie pas zin heeft als hij los weet te komen van zijn onverwerkte verleden. Door haar aansporingen en met haar hulp gaat hij, achttien jaar na de breuk, op zoek naar zijn vroegere vrienden. Hij wil weten waarom hij aan de kant is gezet.
Tsukuru slaagt erin om hen te vinden. Wat hij te horen krijgt is aanvankelijk verrassend, later zelfs schokkend. Is er sprake van een gruwelijk misverstand? Het lijkt erop. Hoe dan ook zorgt het ervoor dat hij eindelijk kan berusten.

De kleurloze Tsukuru Tazaki en zijn pelgrimsjaren straalt van het begin tot het (halfopen) eind één en al weemoed uit. Murakami weet te voorkomen dat het een loden last wordt. De zwaarmoedigheid overheerst, maar er is voldoende afwisseling met lichtere passages. De stijl is vooral realistisch, alleen in de dromen van Tsukuru dringt af en toe iets magisch door.

Behalve namen en de kleuren die daarmee verband houden is muziek een belangrijk element. De pianocyclus Pelgrimsjaren van Franz Liszt bevat een pianosonate Le mal du pays. Frans voor heimwee, melancholie, en dan vooral de huiveringwekkend mooie uitvoering van Lazer Berman. Zoals Murakami het interpreteert, een muziekstuk dat gevoelens oproept van:

“Een onbestemde droefheid, zoals opgeroepen door de aanblik van een rustiek landschap”.

Het is deze sonate die de rode draad vormt in het leven van Tsukuru Tazaki. Een leven vol heimwee, weemoed, zoeken en berusting met een einde dat uitzicht biedt op de mogelijkheid van een gelukkige toekomst. Alsnog. Misschien.

Geef een reactie