Het leven – Rodaan al Galidi

‘s Ochtends zie ik het leven
naast mijn bed.
Ik verwelkom haar.
Ze zegt: ik ben geen bezoeker.
Ik denk: in welke tijd praat ik met haar?
Ik sta op, zij staat op.
Ik loop, zij loopt.
Wil ze uitgelaten worden? Ze zegt:
ik ben geen hond.
Niet om over mezelf te vertellen
ben ik bij jou,
maar om geleefd te worden.
In de drukte raak ik haar kwijt, maar als ik
terugkeer,
zie ik haar
naast mijn bed.
Was het prettig voor haar? Dat ze
even alleen was?
Ik blader door haar om haar te lezen.
Ze zegt: ik ben geen woorden.
Ben je dan de slaap?
Ik hoor het woord
‘misschien’,
doe het licht uit,
laat mijn lichaam bij haar
en vertrek

Geef een reactie