Lanark – Alasdair Gray

Lanark Boek omslag Lanark
Alasdair Gray
Roman
Koppernik
Oktober 2017
Paperback
600
David Grävling


Lanark is een modern visioen van de hel dat zich afspeelt in de uiteenvallende steden Unthank en Glasgow. Het vertelt de verweven verhalen van Lanark en Duncan Thaw. Hoewel het een werk van buitengewone, speelse verbeelding is, draagt het een diepe boodschap uit, zowel persoonlijk als politiek, over het onvermogen van de mens om lief te hebben, en onze innerlijke dwang om het te blijven proberen.

Lanark werd voor het eerst gepubliceerd in 1981 en vestigde direct Alasdair Grays naam als een van de belangrijkste Britse schrijvers, waarbij hij werd vergeleken met - onder meer - Dante, Blake, Joyce, Orwell, Kafka, Huxley en Lewis Carroll. De roman geldt als de grote moderne klassieker van de Schotse literatuur.


In alle opzichten bijzonder

Lanark van Alasdair Gray is in alle opzichten een onconventionele roman, een leven in 4 boeken. De volgorde is opvallend: eerst boek 3, dan een (valse) proloog, gevolgd door boek 1, een intermezzo en dan de boeken 2 en 4. Dit laatste boek wordt 4 hoofdstukken voor het einde onderbroken door een (voortijdige) epiloog, die veel van het voorafgaande verduidelijkt. Via een alter ego verklaart de auteur daarin onder meer deze bijzondere volgorde. Gray speelt met typologie, verwerkt tussendoor een lijst met verwijzingen naar andere literatuur en mengt verschillende genres.

Het heeft hem ruim een kwart eeuw gekost om dit werk te voltooien. Het is in 1981 uitgebracht en in 2017 pas voor het eerst naar het Nederlands vertaald en uitgebracht, met dank aan uitgeverij Koppernik.

De eerste pagina zet de toon voor wat je in boek 3 kunt verwachten met een raadselachtige zin als:
“Koffie werd hier niet gedronken omdat de hemel vaak donker was met harde wind en regen”.
De sfeer is meteen duidelijk, je weet ook welk soort teksten je kunt verwachten. De setting voelt niet vertrouwd, de communicatie is ongewoon. Het wordt al snel duidelijk dat de hoofdpersoon zich in een wereld bevindt die geheel anders is dan die wij kennen. Het is surrealistisch, soms absurdistisch, vervreemdend, donker en dreigend. Dit boek lijkt wel een test: heeft de gedesoriënteerde lezer het doorzettingsvermogen om het te voltooien in de wetenschap dat er dan nog circa 500 pagina’s volgen?

Het wordt gevolgd door een proloog. Dit is een qua vorm min of meer gewoon verhaal, doch het bijzondere van deze proloog wordt pas een heel eind verderop duidelijk.

Boeken 1 en 2 zijn te beschouwen als een coming of age verhaal. Hoofdpersoon Duncan Thaw groeit op in een armoedig gezin. Zijn moeder overlijdt als hij nog heel jong is. Duncan komt na een rommelige en onrustige schooltijd uiteindelijk terecht op een artistieke opleiding. Hij heeft talent, dit wordt onderkend en hem lijkt een glorieuze toekomst als kunstenaar te wachten. Zijn karakter zit hem echter in de weg.

Boek 4 sluit dan weer naadloos aan op boek 3. Duncan heet in deze boeken Lanark. In boek 4 is hij een groot deel van de tijd samen met Rima. Zij vertrekken uit de wereld van boek 3 en gaan op pad naar Unthank. Hoe lang de reis gaat duren is niet te zeggen. Tijd wordt uitgedrukt in frequentie van de hartslag en dit kan per persoon enorm verschillen. De weg erheen is vreemd: de ene weghelft gaat omhoog, de andere omlaag. Zij kunnen alleen vooruit door in het midden te lopen en elkaars hand niet los te laten. Met de nodige moeite komen zij op de plaats van bestemming. Aldaar ontmoeten zij verschillende personen uit boek 3, onder wie enkelen die aanleiding waren om te vertrekken. Hun verblijf aldaar kent een verrassend verloop.

Het waarom van deze structuur verklaart het personage “de schrijver” in de epiloog, een personage dat duidelijk het alter ego is van Alasdair Gray.

De verschillende boeken vormen twee soorten verhalen. Het coming of age verhaal is herkenbaar qua setting, personages en verloop. Het geeft een weinig bemoedigend beeld van het armoedige Schotland en met name Glasgow. Duncan is een bijzondere vogel. Eigenzinnig, wat hij niet wil zal hij ook niet uitvoeren. Langzaam maar zeker zie je hem afglijden. Een succesvolle toekomst als kunstenaar ligt in het verschiet. Het loopt anders. Zijn perfectionisme lijkt hem in de weg te zitten. Aan opdrachten begint hij telkens opnieuw omdat het nooit goed genoeg is. Misschien is hij ook wel te typeren als iemand die liever onderweg is dan dat hij het einddoel bereikt. Onderweg liggen alle mogelijkheden nog open, ben je op je bestemming dan is dat niet meer zo. Hij raakt verstrikt. Je zou dit kunnen lezen als verhulde kritiek op de prestatiemaatschappij.

De andere boeken spelen zich af in een onherkenbare wereld. Die wereld zou je Dantesk kunnen noemen, fantastisch op de manier van een Stephen King, of de papieren versie van sommige schilderijen van Bosch. Maar het is niet alleen maar absurd en surrealistisch.
Deze boeken hebben andere boodschappen dan boeken 1 en 2. Een impliciete waarschuwing voor de vernietigende gevolgen van industrialisatie (de permanente duisternis in Unthank) en globalisering. Maar ook voor de uitwassen van het kapitalisme. Scheve verdeling van welvaart en macht, geïllustreerd door “het instituut”, dat niet meer is dan een samenzwering van hen die alles bezitten en iedereen manipuleren met maar één doel: winstbejag ten koste van alles en iedereen.

Lanark kun je dus op vele manieren lezen. Een staalkaart van stijlen, een intertekstueel hoogstandje, een overweldigende tentoonstelling van de ongebreidelde fantasie van Alasdair Gray, een prachtige ontwikkelingsroman, een waarschuwing aan het adres van globalisten, industriëlen en machtswellustelingen, over het onvermogen om lief te hebben enzovoort en zo verder.

Lanark is een boek dat vermoedelijk vele afhakers zal kennen, het zal zeker niet bij iedereen in de smaak vallen. Daarvoor is het te complex, te abstract en veeleisend. Ik ben blij dat ik het moeiteloos heb kunnen uitlezen en weet één ding zeker: dit boek zal mij voor altijd heugen. Het is een roman die na voltooiing erom schreeuwt nog een keer te worden gelezen, of in ieder geval delen ervan.

Is er dan niets op aan te merken? Nee, eigenlijk niet, hooguit de vrees dat de auteur ziel en zaligheid in zijn debuut heeft gelegd, alles heeft gegeven en dit niveau daarna niet meer heeft weten te bereiken. Dat zal moeten blijken.

Ten slotte: een enorm compliment aan vertaler David Grävling die heeft weten te bereiken dat je op geen enkel moment het gevoel hebt een vertaling te lezen en aan de mensen van uitgeverij Koppernik die het lef hebben gehad dit bijzondere boek te laten vertalen en uit te brengen.

Share

Geef een reactie