Adriaan Morriën

Adriaan Morriën (Velsen, 5 juni 1912 – Amsterdam, 7 juni 2002) was een Nederlands dichter, essayist, vertaler en criticus.

Morriën debuteerde in 1935 met een gedicht in Forum. Zijn eerste dichtbundel Hartslag verscheen in 1939.

Morriën accepteerde in 1941 een subsidie van 250 gulden, hem toegekend door het departement van Volksvoorlichting en Kunsten. Uitgever John Meulenhoff had hem geadviseerd het bedrag te accepteren opdat er iets terug kwam van het kapitaal dat de bezetter de burgers had afgepakt. Volgens biograaf Rob Molin bleef het hierbij en onderhield Morriën verder geen connecties met het departement, werd hij geen lid van de Nederlandsche Kultuurkamer. Wel ontplooide hij activiteiten in de clandestiene uitgeverij.[1]

Aan het begin van de jaren 1940 werkte hij mee aan het tijdschrift Criterium, dat in 1942 ophield te verschijnen.[2] In 1944 stelde hij de uitgever, John Meulenhoff van Uitgeverij Meulenhoff, voor het blad na de oorlog nieuw leven in te blazen. Meulenhoff had datzelfde plan en bood Morriën een plaats in de redactie aan.[3] Ook stuurde hij potentiële medewerkers bij Morriën langs voor kennismaking. Zo raakte hij in 1944 bevriend met Willem Frederik Hermans, die in 1946 tot de redactie toe zou treden. Hermans kwam ’s avonds bij Morriën om het manuscript van zijn roman Conserve voor te lezen.[4] In 1945 liet Morriën twee fragmenten in Criterium verschijnen en publiceerde daarna diens roman De tranen der acacia’s als feuilleton, waartegen Meulenhoff bezwaren had vanwege de schunnige passages.[5]

Na de Tweede Wereldoorlog werkte hij vooral aan vertalingen, literaire beschouwingen en recensies voor onder andere Het Parool. Hij was een aantal jaar docent Frans en werkte bij het Instituut voor Vertaalkunde van de Universiteit van Amsterdam. Hij was betrokken bij de oprichting van het Fonds voor de Letteren. Als redacteur van een aantal literaire tijdschriften (onder andere Tirade), beoordeelde hij manuscripten. Ook was hij adviseur van de uitgeverijen G.A. van Oorschot en De Bezige Bij. Een aantal belangrijke schrijvers, onder wie Harry Mulisch, Gerard Reve en de dichter Hans Lodeizen, werden door hem ‘mede-ontdekt’.

Adriaan Morriën vertaalde onder meer werken van Albert Camus, Heinrich Böll, Sigmund Freud, Erich Kästner, Choderlos de Laclos (Les liaisons dangereuses), Guy de Maupassant en Pauline Réage (Histoire d’O).

Morriën was lid van het Republikeins Genootschap, maar toch werd hij in 1999 benoemd tot Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw.
Morriën was de vader van de twee kunstenaressen Adriënne en Alissa Morriën, die sinds de jaren 80 samenwoonden met het echtpaar Marte Röling en Henk Jurriaans.

Bron: Wikipedia

Share

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: