Een rood raam aan een oude gracht,
Een deur, die open schrijnt,
En een man, die even wacht
Eer hij in den nacht verdwijnt.
Boeken zijn onsterfelijke zonen, die hun verwekker uitdagen
Een rood raam aan een oude gracht,
Een deur, die open schrijnt,
En een man, die even wacht
Eer hij in den nacht verdwijnt.