Herinneringen aan de oorlog

Aan de oorlog heb ik geen persoonlijke herinneringen, ik heb hem gelukkig niet meegemaakt. Toch zijn er, vooral in deze periode van herdenken, wel herinneringen. Het gaat dan om hetgeen mijn moeder heeft meegemaakt. Mijn grootouders waren al overleden dan wel de weg kwijt toen ik zo oud was dat het mij iets zou gaan zeggen.
Veel wilde mijn moeder er niet over kwijt, ver weggestopt, te moeilijk, wie zal het zeggen. Maar een paar dingen zijn wel blijven hangen.

De smaak van tulpenbollen. Af en toe kwam het weer ter sprake. De honger was zo groot  dat tulpenbollen een deel van de zeer karige maaltijd vormden. Eerlijk gezegd heb ik geen idee hoe waar dat is, misschien zijn ze wel giftig. Ze bracht het met zo veel overtuiging dat de geringste twijfel vermoedelijk als een belediging zou worden opgevat.

Een andere herinnering waarvan het waarheidsgehalte niet aan twijfel onderhevig is. In de hongerwinter werden heel wat kinderen elders ondergebracht. Zij was er één van. Een paar maanden heeft zij doorgebracht op een boerderij in Hoogezand – Sappemeer. Om aan te sterken. Het heeft haar gered.
Ooit zijn wij met het gezin bij deze familie langs geweest. Het adres klopte, de mensen woonden er nog en de herinnering was bij iedereen nog levend, hoewel wederzijdse herkenning wel wat moeite kostte.

Het meest schrijnende betreft Roosje. Buurmeisje, klasgenootje, haar beste vriendinnetje. Beiden zullen een jaar of zeven of acht zijn geweest toen na een rumoerige nacht, waarin iedereen zich angstvallig stil hield, bleek dat het huis van Roosje leeg was. Nou ja, leeg, de meubels stonden er nog. Nog wel. Maar de bewoners waren er niet meer. Gedeporteerd. Bestemming onbekend. Nooit meer teruggekomen. Nooit meer iets van vernomen.

De herinnering aan Roosje bleef levend. Vooral op 4 mei. Elk jaar weer had ze het er moeilijk mee.

Share

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit:
Spring naar toolbar