Ik ben in eenzaamheid niet meer alleen,
Want waar mijn ogen langs de wanden dwalen
Schemert uw lach daarheen. Ontelbre malen
Hoor ik in ’t klokgetik uw voeten treên.
Boeken zijn onsterfelijke zonen, die hun verwekker uitdagen
Ik ben in eenzaamheid niet meer alleen,
Want waar mijn ogen langs de wanden dwalen
Schemert uw lach daarheen. Ontelbre malen
Hoor ik in ’t klokgetik uw voeten treên.