Een tweede kans?

Iedereen verdient een tweede kans, zo luidt het adagium. Gaat dit ook op voor schrijvers van boeken die mij niet zo goed zijn bevallen? In dit geval gaat het om Dan Brown. Van hem heb ik Het Bernini mysterie gelezen en ik heb mij hogelijk verbaasd over de hoge waardering voor dit boek. In De Da Vinci code ben ik begonnen maar ik ben snel afgehaakt wegens zeer matige stijl.

We zijn een aantal jaren verder en zijn nieuwste boek, Oorsprong, verschijnt begin oktober. Moet ik hem nog een kans geven? Een mooie gelegenheid om te zien of het mij nu misschien wel zal bevallen is de voorpublicatie bestaande uit de proloog en het eerste hoofdstuk.

Te veel bijvoeglijke naamwoorden
Het eerste wat opvalt is het gebruik van bijvoeglijke naamwoorden. De eerste alinea van circa 50 woorden bevat er al 8. Ik hou daar niet van. Bijvoeglijke naamwoorden zijn onmisbaar in een tekst maar als je er zo veel nodig hebt is dat een teken aan de wand. Wat mij betreft geen goed teken. Het blijft niet beperkt tot de eerste alinea, het is kenmerkend voor diens stijl. Jammer.

Het leidt ook tot rare constructies. Voorbeelden:
“Verticale klif”: overbodig. Horizontale kliffen bestaan niet, althans, ik ken ze niet.
“Steile klip”: ja hèhè, dat is het kenmerk van een klip, steilte. Dat hoeft niet te worden benadrukt.
“Overmaatse smartphone”: Overmaats? Het woord bestaat niet volgens de Taalunie en de woordenlijst van de Nederlandse taal. Letterlijke vertaling van oversized wellicht?

Nonsens
In de tweede alinea: “de nimmer aflatende zwaartekracht”.
Hallo! Zou het een idee zijn om een brugpieper aan de heer Brown te laten uitleggen wat het begrip natuurwet inhoudt?

Het zou toch een vreemde gewaarwording zijn als de zwaartekracht er even mee zou ophouden!

De gehele alinea is nonsens:
“Dit tijdloze heiligdom in het Spaanse Catalonië had meer dan vier eeuwen weerstand geboden aan de nimmer aflatende zwaartekracht en was nooit afgeweken van zijn oorspronkelijke doel om de bewo­ners af te zonderen van de moderne wereld.”

Voor alle duidelijkheid: het heiligdom is een klooster. Alsof het klooster een eigen wil zou kunnen hebben en tussentijds zou kunnen besluiten om dan ineens maar een ander doel te hebben.

Brown is niet erg consequent. Uit voorgaande alinea valt op te maken dat de bewoners blijkbaar in perfecte isolatie hebben vertoefd; de moderne wereld kennen zij dus niet. Een bladzijde verder:
“Bisschop Valdespino is angstaanjagend goed op de hoogte van de technologie”.

Het gaat over computermodellen. Maar wat is het nou? Als ook deze bewoner in perfecte isolatie heeft geleefd hoe kan hij dan daarvan op de hoogte zijn?

Overbodige herhalingen
Ook een handelsmerk.
“Eigenlijk vraag ik u te zweren dat u hierover zult zwijgen. Bent u daar­toe bereid?’

De drie mannen knikten, maar Kirsch wist dat het eigenlijk overbo­dig was. Ze zullen deze informatie in de doofpot willen stoppen, niet openbaar maken.”

Tot drie keer toe:
1 De mannen bevestigen te zullen zwijgen,
2 Ze stoppen het toch in de doofpot
3 Maken het niet openbaar.

Ja hoor, ik weet het nu wel.

Overig
Ik hou niet van auteurs die schuingedrukte zinnen gebruiken om de gedachte van de hoofdpersoon te kunnen meebeleven. Misschien een kwestie van smaak, ik vind het niks.

De interpunctie is heel matig. Door bijvoorbeeld komma’s op rare, overbodige plaatsen te gebruiken lopen zinnen stroef, het houdt op.

Conclusie
Ik heb mij slechts tot de proloog van enkele pagina’s beperkt. Het is voor mij al meer dan genoeg om te weten dat Dan Brown met dit boek geen tweede kans verdient.

Share

4 gedachten over “Een tweede kans?”

  1. Net als Mies, heb ik ook van Angels and Demons, zoals het boek in het Engels heet, genoten. Ik heb alle boeken van Dan Brown gelezen en vond het heerlijjk leesvoer voor tussendoor. Ik lees ze niet in de Nederlandse vertaling dus daar kan ik niet over oordelen maar in de originele taal vond ik ze goed te pruimen. We zijn het er over eens dat het geen hoogstaande literaire werken zijn en een groot stilist is hij ook niet. Ik vind hem echter wel een goed verhalenverteller en dat maakt voor mij weer een hoop goed.

    1. Stilistisch vind ik hem inderdaad niet best. Het is ook niet het soort van verhalen dat mijn erg aanspreekt en toch probeer ik het af en toe, misschien tegen beter weten in. Hopelijk kun jij deze wel waarderen.

Geef een reactie