Wat nu, kleine man? – Hans Fallada

Engeltje redt jongen

Kleiner Mann – was nun? betekende de doorbraak van Hans Fallada. Het is in 2011 in een herziene vertaling uitgebracht onder de titel Wat nu, kleine man? Het is een verhaal dat zich in de jaren dertig afspeelt. De economische crisis slaat diepe wonden en het is moeilijk om het hoofd boven water te houden. Het maandgeld is steeds eerder op, schulden stapelen zich op en alleen met het nodige geluk en af en toe hulp uit onverwachte hoek weet het echtpaar Pinneberg het te redden.

Flaptekst

In weerwil van de grote economische crisis van de jaren twintig geloven verkoper Johannes Pinneberg en zijn vrouw Engeltje in het geluk. Maar dat geluk wil – kort voor de opkomst van de nationaalsocialisten – maar niet komen. Pinneberg is amper met zijn Engeltje getrouwd en de eerste problemen doen zich al voor. De strijd om het overleven begint en het kleine jongetje heeft melk en schone luiers nodig. Als verkoper op de afdeling herenkleding in het warenhuis leert Pinneberg: de kleine man moet werken als een paard – of hij vliegt eruit. En Pinneberg vliegt eruit omdat hij te weinig omzet haalt.

Hij, die zich superieur voelt aan de ‘kleine luiden’, moet zich aansluiten bij het leger van miljoenen werklozen. Maar Engeltje, zijn lieve en dappere vrouw, geeft niet op en neemt het heft van het leven van haar vertwijfelde man in handen. Wat nu, kleine man? is naast Alleen in Berlijn Fallada’s beroemdste werk en neemt ons mee naar de roerige jaren twintig van de vorige eeuw. De tijd van de beurskrach en massawerkloosheid, maar ook van versnelling en vooruitgang met neonreclame, film, jazz, protestmarsen van werklozen – en knokploegen van de nazi’s. De lezer wordt opnieuw geboeid door de schijnbaar simpele verteltrant, die vaak een bijna filmisch effect heeft.

Mijn indruk

Het werk van Fallada kent voor- en tegenstanders. Thomas Mann: “Ik heb lang niet meer zo’n meeslepend boek gelezen.” Tegelijk zijn er stemmen die zijn werk wel erg eenvoudig en volks vinden. Voor dat laatste valt wel wat te zeggen. Ook voor dit Wat nu, kleine man? kun je zeggen: wat je ziet is wat je krijgt. Diepere lagen, literaire verwijzingen en bijvoorbeeld filosofische beschouwingen hoef je niet te verwachten. Stilistisch is het ook niet bijzonder. Zinnen die het onthouden waard zijn zul je niet snel vinden.

Daar staat tegenover dat Fallada een geweldige verteller is. Zijn stijl is (bedrieglijk) eenvoudig, noem het gerust naïef. Op de eerste pagina meldt hij drie keer dat het vijf over vier is. Johannes Pinneberg heeft een afspraak met Emma (Engeltje) en zij is twintig minuten te laat. Het is zijn manier om het ongeduld van Pinneberg te tonen. Het aantal keren dat hij Engeltje, jongen (Emma over Johannes) en wurm (beiden over hun kind) noemt is ontelbaar. Ook het dagelijkse taalgebruik is eenvoudig. Beeldend is het wel, bijvoorbeeld als hij zover is afgegleden dat zijn witte boord, statussymbool voor anderen dan handarbeiders, hem niet meer past (figuurlijk).

De echte verdienste van Wat nu, kleine man? is dat het de omstandigheden in Duitsland toont vlak voor de machtsgreep van de nazi’s. Hoewel het nauwelijks politiek is krijg je af en toe wat mee van het opkomende fascisme. Het gezin Pinneberg weet nauwelijks te overleven. De radeloosheid wordt almaar groter, de situatie is uitzichtloos. Pas als Engeltje de rollen weet om te draaien, zij wordt kostwinner en Johannes zorgt voor het wurm, komt er een zekere stabiliteit. Het is de redding voor het gezin Pinneberg.

Wat nu, kleine man?
Hans Fallada
Roman
Cossee
2011
Hardcover
351
Anne Folkertsma
9789059363212
Share

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.