En die mussen – Leo Vroman

In de vroege avondzon
hippen drie mussen
over ons balkon
en pikken intussen
naar onzichtbare dingen.
Noemen ze hun tjilpen zingen
en liever nog, proberen zij
de musheid te verhogen
tot grotere Musheid, zoals wij
met onze mensheid pogen?

Een doel dat overbodig is,
al prent ik ze graag in
dat hippen heus niet nodig is,
en oorlog evenmin.

Vriend – Vasalis

Vriend, metgezel, die meer en minder is
dan vader, moeder, minnaar, kind
hetzelfde als ik, maar anders
onafhankelijk en toegewijd
ouder, jonger, van dezelfde tijd.
Trooster, die getroost kan worden
baken en verhanger van borden
broeder, maar van een andere moeder, zonder rivaliteit
met wie ik samenloop en die mij begeleidt.
Hij gunt mij om te leven en als ik dood
zou willen, geeft hij mij gelijk.
Soms is het, dat ik om hem alleen
verdragen blijf, wat zonder hem ondraaglijk scheen.
Zonder een enkele verplichting
loop ik en altijd in zijn richting.

 

Levensmoe – Lévi Weemoedt

Ik hief mijn hoofdje uit de kinderwagen,
en zag voor ’t eerst de mensen om mij heen.
Ik stelde nog een paar gerichte vragen
en wist genoeg. En was gelukkig weer alleen.

De hemel als – Jo Govaerts

een staalblauwe koepel, strakgespannen
als een tamboerijn, schroeiende
middagzon, oorzaak van
meerdere fata morgana zodat er
zuivere bronnen ontspringen uit
het zinderend asfalt en ik
midden op de snelweg uit
de wagen stap om
mijn jeans op te rollen en
gezellig te gaan pootjebaden

Lees verderDe hemel als – Jo Govaerts

Spring naar toolbar