Mijn jaar in boeken

Hoewel het jaar nog niet helemaal voorbij is kan ik nu, 19 december 2015, wel alvast de balans opmaken van 2015.
Ik heb 90 boeken gelezen in allerlei soorten en maten. Circa de helft hiervan was geheel eigen keuze, een klein aantal heb ik gelezen als onderdeel van leesclubs en voor uitgeverijen.
Voor Hebban heb ik 38 boeken gelezen en gerecenseerd. In categorieën:
Thrillers 11. Een paar heel goede boeken, een daarvan is mijn nummer 10
Fantasy & SF 16. Gemiddeld van goed niveau met 1 absolute uitschieter, mijn nummer 2
Non-fictie: 11. Eigenlijk alleen maar goede boeken en toch niet een in de top tien. Reden: een boek moet mij ook emotioneel raken om hoog te kunnen eindigen, bij deze categorie lukt dat meestal niet.

Merkwaardigste boek: Sneeuwwitje van Donald Barthelme.
Leukste / meest humoristische) boek: Het transgalactisch liftershandboek van Douglas Adams
Tegenvallers. Die waren er zeker, maar misschien ook door de te hoge verwachtingen die ik vooraf had: Het zijn dus niet per se de minste boeken die ik heb gelezen. De drie grootste tegenvallers:
Ik ben pelgrim – Terry Hayes
Al wat schittert – Eleanor Catton
Het meisje in de trein – Paula Hawkins

Voordat ik mijn top tien ga neerzetten wat opmerkingen en conclusies:
Ik heb erg veel goede boeken gelezen, doch een aantal haalt niet eens de top tien. Om maar wat te noemen: Muidhond – Inge Schilperoord, De doden hebben geen verhaal – Gard Sveen. Made in Sweden – Roslund & Thunberg, Vingervlug – Sarah Waters, Blinde wereld – Ellen Heijmerikx.

Het valt ook op dat de top tien voornamelijk uit Europese auteurs bestaat, 8 stuks maar liefst, van wie twee Nederlandstalige auteurs, een oudgediende en een “aanstormend” talent.

Over de top tien: de top drie betreft verhalen die mij echt geraakt hebben en een diepe indruk hebben achtergelaten. Die volgorde staat wel vast. De nummers 4 tot en met 10: ben blij dat ik ze heb gelezen, maar hiervoor geldt dat de volgorde dagkoersen zijn, kan over een week zomaar anders zijn, hangt af van stemming en dergelijke.

Hier dan de top tien met links naar recensies:
10 Lustmoorden – David Mark
9 Legende van een zelfmoord – David Vann
8 Het hout – Jeroen Brouwers
7 Buzz Aldrin, waar ben je gebleven – Johan Harstad
6 De halfbroer – Lars Saabye Christensen
5 Een honger – Jamal Ouariachi
4 Serena – Ron Rash

3 Onbepaald door het lot – Imre Kertesz
Een boek waaraan ik nog regelmatig terugdenk. Onbeschrijflijke ellende in concentratiekampen bekeken door de blik van een kind.

2 De man die de taal van de slangen sprak – Andrus Kivirahk
Meteen ook de grootste verrassing. Bestempeld als fantasy, je moet toch wat, maar het past in zoveel categorieën. Fantastisch mooi verhaal, prachtig taalgebruik, beeldende beschrijvingen en enorm goed vertaald. Hopelijk worden de andere werken van deze man ook vertaald!

1 Manja, de vriendschap van vijf kinderen – Anna Gmeyner
Nummer 1, onbetwist. Ik moest echt even bijkomen na dit boek. Een exilroman, geschreven in 1938 in Londen. Het bewijs dat iedereen had kunnen en moeten weten hoe de Duitse samenleving eraan toe was in de jaren twintig en dertig. Wij hebben het niet geweten is niet vol te houden, te confronterend voor de Duitse samenleving, wellicht dat het daarom pas in 1984 in het Duits is uitgebracht.
Indrukwekkend verslag van het verval van de beschaving door de blik van kinderen en volwassenen in aanloop naar de tweede wereldoorlog.

Crossing Border 14-11-2015

Hierbij een impressie van Crossing Border van zaterdag de veertiende november 2015.
Het was een avond waarop het moeilijk kiezen was, veel interessante auteurs en als je zou willen kon je er een stampvol programma van maken. En dat werd het ook, we begonnen gelijk maar om 19.00 uur.

Leon de Winter, door Daan Heerma van Voss

WP_20151114_19_04_08_Pro[1]

Leon de Winter is eerlijk gezegd niet een persoon die bij mij warme gevoelens oproept, maar daar ben ik overheen gestapt. Om die reden heb ik mij er ook nog niet toe kunnen zetten om een van zijn boeken te lezen en toch was ik nieuwsgierig.
Het interview begon met een verwijzing naar de aanslagen in Parijs. De Winter legde meteen een verband met de aanslagen in New York, niet omdat het vergelijkbaar is, maar omdat dat voor hem het moment markeerde waarop hij de illusie van veiligheid uit de jaren negentig kwijtraakte. Hij had niet meer gedacht dat er weer een periode zou komen waarin mensen altijd een reiskoffer klaar zouden hebben staan, zoals zijn familie en verwanten dat vroeger hadden. Het instorten van de Twin Towers sloeg die illusie aan barrels, de aanslagen in Parijs waren weer een bevestiging dat dat gevoel van schijnveiligheid tot het verleden behoort.

Het ging daarna over zijn ontwikkeling als schrijver. Aanvankelijk was hij tamelijk experimenteel en werd daardoor bejubeld. Maar hij beleefde er zelf weinig plezier aan, hij nam zich voor met een boek te komen dat hij wilde schrijven en niet een boek dat zou voldoen aan de verwachtingen. Het werd Kaplan, en niet geheel verrassend werd het door de critici neergesabeld, want te weinig literair.

Vervolgens ging het over zijn laatste boek Geronimo, een fantasie over wat er zou zijn gebeurd als Bin Laden niet zou zijn gedood in 2011. Het boek heeft een hoog wat als gehalte maar het is wel een interessant experiment, het boek is in het algemeen goed ontvangen.

Uiteindelijk heeft hij mij, tegen mijn eigen verwachtingen in, wel nieuwsgierig gemaakt.

Peter Terrin en Laird Hunt, geïnterviewd door Arjan Visser

WP_20151114_19_31_21_Pro[1]

Heel geanimeerd en ontspannen dubbelinterview met een compliment aan de interviewer.

Peter Terrin schrijft verhalen, doch is vooral bekend door zijn romans De bewaker en Post mortem. Hij vertelde over de ontstaansgeschiedenis van zijn boeken. Vooral van het verhaal over zijn dochter, met wie iets verschrikkelijks gebeurde, heeft hij fraai duidelijk kunnen maken dat door het te verwerken in een boek hem enorm heeft geholpen bij de verwerking daarvan.
Daarna ging het over zijn korte nieuwe roman Monte Carlo, afgesloten met een korte voordracht daaruit.

Laird Hunt is een veelzijdig man: schrijver, vertaler en wetenschapper. In zijn jeugd heeft hij enkele jaren in Marlot gewoond, een Haagse wijk. Het bezoek aan Crossing Border voelde voor hem een beetje als een reis terug in de tijd, hij kon zelfs nog wat Nederlands naar boven halen.
Maar het ging vooral over zijn boek Nimmerthuis, een boek waarvoor ongeveer alle denkbare superlatieven uit de kast zijn getrokken. Het is een oorlogsroman over Ash, een soldaat met een geheim: het is een vrouw. Zij beleeft de oorlog door de ogen van een vrouw, een oorlog die aanvankelijk vooral spannend is, later gruwelijk en intens, en langzaam verliest ze de greep op zichzelf. Ze gaat verlangen naar huis, maar eenmaal thuisgekomen komt ze tot de conclusie dat zij onthecht is geraakt “there is no such thing as going home”. Vandaar de titel. Lijkt mij een prachtboek en zet het hoog op mijn lijst.

Marylinne Robinson geïnterviewd door Arjan Peters

WP_20151114_20_33_31_Pro[1]

Ik had me hierop enorm verheugd, maar het werd een afknapper, helaas. Het interview ging vooral over de rol van religie in de VS, wel een favoriet onderwerp van haar, maar het overheerste nu wel heel erg. Het werd daardoor een eenzijdig interview dat niet lekker liep.
De vragen werden keurig van een blaadje opgelezen door de vooral onderdanige interviewer, echte interactie was er niet en regelmatig vielen er ongemakkelijke stiltes.
Dieptepunt was wel de vraag of de schijfster verschil zag tussen Zweeds en Nederlands publiek na opeenvolgende optredens in deze landen.

David Vann geïnterviewd door Hans Bouman

WP_20151114_21_45_40_Pro[1]

Dit was gelukkig stukken beter! David Vann is door zijn open en spontane houding ook wel wat makkelijker te interviewen maar de interviewer zorgde er wel voor dat Vann ook snel in zijn element was.

David Vann vertelde over zijn jeugd in Alaska en met name over de zelfmoorden in zijn familie en hoe dat zijn werk heeft beïnvloedt, hoe hij daarin inspiratie heeft gevonden. Het ging ook over de Amerikaanse obsessie voor wapens en hoe gewoon dat is in het dagelijks leven. Op de vraag of de schietincidenten niet een naar gevolg daarvan zijn antwoordde hij dat dat nou eenmaal bij het land past, het verbaasde hem zelfs dat er niet veel meer waren als je kijkt naar het aantal oorlogsveteranen (1,2 miljoen) die het zonder hulp maar moeten zien te redden, in combinatie met de hoeveelheid beschikbare wapens. Een wat vreemd gevoel houd je daaraan over eerlijk gezegd.

Uiteraard kwamen zijn prachtige boeken ook aan bod, het fraaie Legende van een zelfmoord, zie recensie, vrij prominent. Over het schrijfproces: hij doet dat op gevoel, als hij terugleest wat hij heeft geschreven bekruipt hem soms het gevoel dat hij zich nauwelijks kan herinneren dat hij dat heeft gedaan. Wel bijzonder dat je als schrijver op deze wijze tot prachtige boeken kunt komen.

Almudena Grandes geïnterviewd door Rosan Hollak

WP_20151114_22_23_52_Pro[1]

Allereerst de complimenten voor de interviewster. Op heel rustige maar wel gedecideerde wijze wist zij het gesprek te sturen en toch alle ruimte te geven aan Almudena Grandes.

WP_20151114_22_30_41_Pro[1]

Zij hanteert een compleet ander schrijfproces dan David Vann. Zij schetst eerst de contouren, bouwt een “huis” en gaat dat vervolgens inrichten. Leuk contrast!
Haar vroegere werken kwamen wel even aan bod, doch de aandacht ging vooral uit naar haar nieuwste werk De drie bruiloften van Manolita, een lijvig boek van zo’n 800 pagina’s met maar liefst 163 personages. Manolita is de slimme jonge vrouw die zich ontpopt als spil van een vriendengroep die zich verzet tegen het dictatoriale regime van Franco. Het is een boek over liefde, vriendschap en moed in de setting van een zwarte bladzijde in de Spaanse geschiedenis.
Grandes gaf veel achtergrondinformatie: de hoeveelheid gevangenen, gevangenissen en werkkampen waren schrikbarend hoog. Je moest erg oppassen met wie je in vertrouwen nam, een fatale vergissing was snel gemaakt. Spanje was onder de dictatuur van Franco een uitermate onprettig land.

Ik ben enorm onder de indruk geraakt van deze fascinerende vrouw, met wat een aanstekelijk enthousiasme sprak zij over een moeilijk onderwerp. Ook haar boeken komen hoog op mijn lijst!

En tot zover het verslag van mijn eerste kennismaking met Crossing Border. Een kennismaking waarop maar één reactie mogelijk is: waarom heb ik zo lang gewacht!

Crossing Border 13-11-2015

Een dag die eindigde met een gitzwarte rouwrand. De gebeurtenissen in Parijs hebben in één klap een einde gemaakt aan het plezierige gevoel dat vrouw, dochter en ik hadden na een avondje Crossing Border op vrijdag de dertiende november 2015.
Vele anderen zullen terecht aandacht aan het nieuws besteden, doe ik ook. Maar ik wil ook het leuke deel van deze avond een blijvende herinnering laten zijn, waarmee ik hopelijk het gedeprimeerde gevoel even kan verdrijven. Vandaar dit verslag.

Annelies Verbeke en Kevin Barry, geïnterviewd door Maarten Dessing

WP_20151113_19_21_57_Pro[1]

Dubbelinterview waarvan je je kunt afvragen waarom het in deze vorm is gedaan. Er was wel wat chemie maar te weinig om een dubbelinterview te rechtvaardigen.

Annelies Verbeke vertelde vooral over haar succesroman Dertig dagen, een roman over Alphonse die met zijn geliefde het drukke leven ontvlucht en verhuist naar de Vlaamse Westhoek. Alphonse is een man die ongewild en onbedoeld een man van aanzien wordt. Hij heeft echter helemaal geen behoefte aan een Messiaanse rol.
Verbeke lichtte toe dat de streek Westhoek niet toevallig is gekozen. Het is een gebied waar sinds WO 1 een droefgeestige sfeer hangt, een gebied met veel zelfmoorden. Verder vertelde zij dat zij bewust heeft gekozen voor het verhalen in de tegenwoordige tijd, maar het waarom van die keuze werd niet echt duidelijk.

Kevin Barry is vooral bekend geworden met zijn korte verhalen en maakt nu furore met zijn (nog) niet vertaalde roman City of Bohane, een roman die zich afspeelt in 2054 in een geïsoleerde stad in Ierland. Barry heeft getracht een taal te gebruiken die in die tijd gesproken zou kunnen worden, een gedurfde keuze. Het boek wordt hier en daar vergeleken met A Clockwork orange. Dat is nogal wat!
De enthousiaste presentatie van Barry en zijn inspirerende voordracht van een deel van zijn boek maken zeer nieuwsgierig.

Inge Schilperoord en Jamal Ouariachi geïnterviewd door Els Quagebeur

WP_20151113_20_19_13_Pro[1]

Wederom een dubbelinterview, nu wat beter te begrijpen omdat pedofilie in beide werken een belangrijk thema is. Voor meer info over deze boeken, zie mijn recensies van Muidhond van Inge Schilperoord en Een honger van Jamal Ouariachi. De chemie tussen de schrijvers, beiden met een psychologische achtergrond, was er duidelijk en maakte het tot een heel interessant en vermakelijk gesprek.
Maar: ik vond het bijzonder jammer dat het gesprek beperkt bleef tot de overeenkomst, pedofilie, terwijl de verschillen tussen beide prachtboeken best wat meer aandacht hadden mogen krijgen.
Muidhond is meer dan een verhaal over de pedofiele neigingen van Jonathan, het gaat ook vooral over de eenzaamheid van een verloren ziel die buiten de maatschappij staat en in zijn worsteling vooral in de steek lijkt te worden gelaten door de instanties die hem zouden moeten helpen.
En Een honger is een veel bredere roman met meerdere gezichten die nauwelijks werden getoond. Ook voor het gebruik van de stijlen van andere auteurs had ik graag meer aandacht gezien.
Hoe interessant en vermakelijk het ook was, dit is een beetje een gemiste kans.

En hierna scheidden de wegen zich. De dames gingen naar The Hamburg Connection, drie schrijfsters van verschillende komaf met woonplaats Hamburg als overeenkomst, geïnterviewd door Persis Bekkering.

Nino Haratischwili. De naam doet het al vermoeden en het klopt, zij is geen geboren Duitse, de taal leerde zij pas op haar twaalfde. Inmiddels heeft zij die goed onder de knie gekregen, zo goed dat haar derde roman, Das achte Leben, een saga over een Oekraïense familie aan het begin van de 20e eeuw, is genomineerd voor belangrijke Duitse literatuurprijzen.

Karen Köhler. Debuteerde kortgeleden met haar verhalenbundel Vuurpijlen vangen, inmiddels al meer dan 30.000 exemplaren verkocht en bekroond met verschillende prijzen.

Sasa Stanisic. Op zijn veertiende naar Duitsland gevlucht, samen met zijn Bosnische moeder en Servische vader. Zijn boek De nacht voor het feest gaat over zijn nieuwe thuisland, met name over het leven in een dorp in de nacht voor het jaarlijkse dorpsfeest. De auteur wordt geprezen om zijn poëtische stijl en heeft inmiddels ook al prijzen in de wacht gesleept.

De auteurs wisten zich goed te profileren en het werd een zeer geanimeerd gesprek. Minpuntje: het werd in het Engels gedaan, het resultaat was dat nu 4 mensen zich moesten behelpen met een andere taal dan hun “Muttersprache” in plaats van 1.

In de tussentijd ben ik andere auteurs gaan bezoeken. De eerste was Georgi Gospodinov, die werd geïnterviewd door Herman Koch.

WP_20151113_21_45_14_Pro[1]

Georgi Gospodinov is de bekendste auteur in Bulgarije en is hier nog nauwelijks bekend. Het zaaltje was goed gevuld, de helft van het publiek bestond uit Bulgaren. In een artikel in The Economist werd Bulgarije uitgeroepen tot “the saddest place on earth”. De wetten van de melancholie is hierop zijn antwoord. Het gaat op ironische en soms hilarische wijze over de vooroordelen en clichébeelden die wij hebben van hem en zijn landgenoten. Herman Koch gaf de auteur op perfecte wijze de ruimte om zijn verhaal te doen. Dit werd afgewisseld met voordrachten uit het boek, beurtelings in het Nederlands en het Bulgaars.
Deze man was voor mij de ontdekking van de avond, en een ding is zeker: dit boek ga ik op korte termijn lezen!

En als slotstuk ging ik naar Atticus Lish, Zijn gesprekspartner was Henk van Straten.

Atticus Lish is in Nederland doorgebroken met Ter voorbereiding op het volgende leven, zie mijn recensie. Het gesprek begon met het bevestigen van een vooroordeel. Op de vraag hoe de naam van de Chinese hoofdpersoon, Zou Lei, moest worden uitgesproken, iets wat voor Nederlanders een nogal voor de hand liggende vraag is, sprak hij haar naam op zijn Amerikaans uit, hoezo andere mogelijkheden?
Atticus Lish slaagde erin om zijn achtergrond en motivatie goed over het voetlicht te brengen en gaf ook een mooi inkijkje in de relatie met zijn beroemde vader, de editor van onder andere Don DeLillo, met wie hij een tijdje gebrouilleerd is geweest, doch met wie de banden na verschijning van dit boek weer zijn hersteld.

Minpuntje: de interviewer gedroeg zich meer als fan dan als journalist. Dat staat hem vrij natuurlijk, maar ik had het liever anders gezien.

Alles overziend: een heerlijke avond met interessante auteurs en mooie ontdekkingen, maar wel een avond die helaas op uiterst sombere wijze eindigde.

Bezoek Leeszaal Rotterdam West

ma tdl 19112012102351

De stad Rotterdam roept bij mij vaak ambivalente gevoelens op. Mooi aan de stad is natuurlijk het mooiste voetbalstadion van het land, de diversiteit aan musea, de vele bijzondere restaurantjes, het in mijn ogen prachtige nieuwe Centraal Station et cetera. Maar het heeft ook mindere kanten: de hopeloze infrastructuur (Kleinpolderplein, Maastunnel), de vieze lucht, de verouderde Lijnbaan, van de koopgoot vind ik vooral de naam mooi, en natuurlijk het aantal titels dat omgekeerd evenredig is aan de schoonheid van De Kuip.

Maar sinds kort heb ik iets gevonden dat ik aan de lijst met moois kan toevoegen: de Leeszaal Rotterdam West. Voor wie er meer over wil weten, volg deze link http://www.leeszaalrotterdamwest.nl/over-de-leeszaal/

Ik had er weleens van gehoord van vrienden in Duitsland nota bene, en had al een tijdje het voornemen er eens een boekje aan te wagen. Gisteren, 10 oktober 2015, kwam het er dan eindelijk van.
Wat was het een positieve verrassing! Allereerst door de aangename positieve sfeer. De vrijwilligsters beheersten het Nederlands (nog) niet allemaal even goed, maar met wat geduld lukt het heus wel, zij vielen vooral op door hun vrolijkheid en aanstekelijk enthousiasme.
En ook: de jongere, vooral allochtone kinderen, waren daar om te (leren) lezen of gewoon bij elkaar te zijn in een veilige, prettige omgeving en en passant kennis te maken met boeken.

Dat is allemaal leuk meegenomen, doch primair kwam ik daar voor de boeken. En ook dit was verrassend. Een breed en gevarieerd assortiment, boeken in goede tot zeer goede staat, minstens vergelijkbaar met een bibliotheek, en hoe gek het ook klinkt met een aanbod dat mij meer aanspreekt dan dat van de lokale bibliotheek.
Ik ben er onvoorbereid heen gegaan, eerst maar eens kijken of het mij wat te bieden zou hebben. Antwoord een volmondig en hardop JA.

In een half uurtje had ik een grote tas gevuld met:
• Een bundel boeken van Torgny Lindgren. Zo moeilijk aan te komen en daar stond het gewoon.
• Anna, Hanna en Johanna van Marianne Fredriksson
• Meneer Visser’s hellevaart van Vestdijk, in uitstekende staat. Eindelijk kan ik dit boek eens herlezen.
• De dokter en het lichte meisje, eveneens Vestdijk. Een van de (weinige) boeken die ik niet van deze auteur heb gelezen, het kan er nu van komen.
• Het zingen van de tijd van Richard Powers. Ik heb hem, eindelijk!
• Aprilheks van Majgull Axelsson. Ken het alleen maar van horen zeggen, ben benieuwd.
• Kolyma van Tom Rob Smith
• Alexander Dumas, een mooie geïllustreerde versie van De graaf van Monte Christo

Ik ben er zeker van dat met de nodige voorbereiding de “oogst” nog mooier zou kunnen zijn, misschien iets voor een volgende keer, of misschien gewoon snuffelen en verrast worden en een mooie ongezochte vondst doen, ik weet het nog niet, maar dat ik er vaker heen ga staat als een paal boven water.
Maar voorlopig kan ik weer vooruit, al was dat niet het probleem, ik heb nog wel wat boeken liggen om voor Hebban te recenseren, ook leuk!

Ik kan een bezoek aan de leeszaal aan iedere boekenliefhebber aanraden en als je gaat: doe gewoon wat terug en help de leeszaal om de voorraad op peil te houden.

Fantastische recensie Jan!

Mag je trots op zijn, vijf sterren waard! Minstens! Goed gedaan man!

Wat zou je denken als ik mijn eigen voortbrengsels zo zou bejegenen? Rijp voor een inrichting? Tijd voor een witte jas met knopen aan de achterkant? Misschien niet zo extreem maar met pek en veren verdrijven uit het Hebban recensentenparadijs zou misschien wel gepast zijn. Aan mijn gezond verstand zou je ook gaan twijfelen. En terecht.

En toch: er zijn schrijvers die dit doen. In internationaal verband zijn in de afgelopen jaren ten minste twee vermaarde auteurs, R.J. Ellory en Orlando Figes, stevig door de mangel gehaald omdat zij, al dan niet onder pseudoniem, het eigen werk de hemel in prezen en dat van anderen afkraakten. Ongetwijfeld zullen er meer gevallen zijn, zo cynisch ben ik dan ook wel weer.

Gebeurt dat ook in Nederland? Ja, wel degelijk. Zonder al teveel inspanning heb ik in de afgelopen maanden twee schrijvers gezien die hun eigen werk op Hebban met vijf sterren waarderen en een proeflezer die datzelfde doet voor een boek waaraan die persoon heeft bijgedragen. Ik zal zo prudent zijn om geen namen te noemen. Het roept wel de vraag op of dit veel vaker voorkomt, al dan niet in bedekte vorm, en in hoeverre dit fenomeen het sterrenstelsel aantast.

Ik zal eerlijk zijn: het irriteert mij. In hoge mate, ook al is het geen halsmisdrijf. Het helpt dan wel wat om een relativerende tekst tot je te nemen als “You know you are as small as the things you let annoy you ” (Uit een song van de band Cloud Cult). Maar waarom dan toch die ergernis via een blog uiten? Omdat ik ook veel waarde hecht aan een zin van Florence Welch ”It’s hard to dance with a devil on your back, so shake him off”.

Om Cloud Cult maar weer aan te halen: “Some days you give the thanks, some days you give the finger, it’s a complicated creation”. Dat is een keuze waar elke lezer voor staat. Per boek zullen de waarderingen uiteenlopen. Gelukkig maar, smaakverschil moeten we koesteren. Maar het is niet aan de schrijver cum suis om dat te beïnvloeden door sterren uit te delen aan eigen werk. Neem gewoon je publiek serieus, dat kan heus zelf wel een oordeel vellen en loop niet het risico dat je door jezelf de “thanks” te geven “the finger” krijgt van anderen.

Natuurlijk is het logisch dat een schrijver het oordeel in spanning afwacht. Het ego mag gestreeld worden, niks mis mee, en de schoorsteen moet roken, alle begrip voor. Maar om het eventuele leed wat te verzachten: “And if we live by books and we live by hope does that make us targets for gunfire?” (Belle and Sebastian). Welnee. Natuurlijk ga ik ervan uit dat een schrijver zijn hele ziel en zaligheid in een boek legt, maar als het dan onverhoopt niet met gejuich wordt ontvangen dan staat echt geen vuurpeloton klaar.

Over het sterrenstelsel is op Hebban al eerder een zeer interessant, mooi blog geschreven door Hebbanlid Jack Schlimazlnik, met veel goede reacties, zie de link http://www.hebban.nl/blogs/het-is-in-de-sterren-te-lezen. Over sterrenstelsels en hoe waarderingen tot stand komen kun je gelukkig heel verschillend denken blijkt daaruit.

Er zit wel een weeffout in onze (Hebban)sterren (bedankt John Green). Ik ben van mening dat schrijvers cum suis het fatsoen moeten hebben om zich buiten waarderingen te houden. En misschien ligt hier wel een taak voor de Hebbanredactie. Al was het maar om te voorkomen dat een platform als dit het risico loopt minder serieus te worden genomen.

Om af te sluiten: als dit blog niet bij iedereen in de smaak valt, prima, ik hou me dan wel vast aan een tekst van Portugal, the men: “You don’t need sympathy, they got a pill for everything”.