VN Detective en thrillergids 2017

Over de editie van 2015 had ik nog zo mijn bedenkingen bij de beoordelingen en de motiveringen, zie mijn stuk hierover, volg de link.
Mijn stuk, zie de link, over de gids van 2016 eindigde aldus:

“Dat er verschillen zijn is normaal, maar ze zijn verwaarloosbaar. Het geeft mij het gevoel dat ik nu weer beter kan vertrouwen op de D&T gids, in ieder geval meer dan bij de vorige editie.”
Wat vind ik van de gids van 2017?

De eerste indruk: verrassend dik. Wat meteen de vraag opwierp of er ook meer inhoudelijk te genieten valt. Dat valt tegen. Dikker papier, smalle kolommen en meer wit tussen de regels maken het ogenschijnlijk voller. Waarmee de gids zich aanpast aan veel thrillers: het kan meestal wel een stukje minder zonder inhoudelijk in te leveren.

De tweede indruk. Ik ben er niet met de stofkam doorheen gegaan maar desondanks vielen mij wel wat zaken op. Zoals wel vaker komen veel Nederlandse boeken er in de beoordeling bekaaid van af. Een fiks aantal met nul of slechts één ster, en relatief weinig uitschieters naar boven. Wel verklaarbaar omdat er nu eenmaal nauwelijks gefilterd wordt, in tegenstelling tot bij vertaald werk.

Vreemd geplaatste citaten
Ik vind het vreemd dat veel citaten uit de gids bij besprekingen van andere boeken zijn geplaatst. Enkele voorbeelden:

  • In de tekst van Draai je niet om – Alsterdal staat een citaat uit een bespreking van Selfies – Adler Olsen
  • Idem bij Kwade vrienden van Bernink; een citaat uit bespreking van Zomermeisjes – Berkouwer
  • Tussen jou en mij – Lisa Hall, een citaat uit bespreking Brandende engel – Bear Grylls
  • Het dossier – Anya Niewierra, een citaat: “Harry is terug, en zijn fans zullen niet teleurgesteld zijn”, wat hoort bij De dorst van Jo Nesbø.

Ik vind dat verwarrend en soms is het ronduit kolderiek.

Losse opmerkingen:

  • Thomas Engström de gedroomde opvolger van Sjöwall en Wahlöö noemen is echt heel veel te veel eer
  • Bij de bespreking van Blankenberge blues – Aspe en Strobbe staat de cover van Het hart van het kwaad van d’Andrea afgebeeld.
  • Waarom is Hjorth Rosenfeldt bij de R ondergebracht? Hjorth is niet de voornaam van Rosenfeldt.

Over de beoordelingen.
Ik kan uiteraard alleen maar hun oordelen leggen naast de mijne over de boeken die ik zelf heb gelezen en beoordeeld. Op alfabetische volgorde:

  • Adler-Olsen, Jussi – Selfies. 3 sterren, had ik ook gegeven. Het minste deel uit de reeks.
  • Alsterdal, Tove – Draai je niet om. Beide 4 sterren.
  • D’Andrea, Luca – Het hart van het kwaad. VN 4, ik 3 sterren. Te weinig focus op de belangrijkste verhaallijn, te veel zijlijnen en taalfouten. Dat kost bij mij een ster.
  • Börjlind, Cilla en Rolf – Wiegelied. VN 4, ik 2 sterren. Een te veel aan toeval, ongeloofwaardigheden gepaard aan “geleende” verhaalelementen maken het tot een matig verhaal. Het veel te sentimentele en voorspelbare slot helpt ook niet.
  • Child, Lee – Onder de radar. Allebei 3 sterren. Ongebruikelijk matig boek van Child.
  • Engström, Thomas – Ten westen van de vrijheid. VN 4, ik 3 sterren. Aardig verhaal, maar geen 4 sterren waard, mede door de bijna reisgids-achtige beschrijvingen van Berlijn. Een thriller is geen toeristenfolder.
  • Fossum, Karin – De fluisteraar. Beide 4. VN: “Een politieroman van ongekend hoog niveau”. Volmondige instemming!
  • Harris, Robert – Conclaaf. Beide 4 sterren. Harris op zijn gebruikelijke hoge niveau.
  • Helders, Wouter – Machtsstrijd. Beide 3 sterren. Kan mij wel vinden in de opmerkingen over uitleggerige herhalingen, saaie technische uiteenzettingen.
  • Indriðason, Arnaldur – Blauwzuur. VN 4, ik 3 sterren. Ik vond het niet sterk.
  • Janssens, An – Heksenhoeve. VN 1, ik 3. Dit boek heeft niets te zoeken in deze gids, het is meer een aardig fantasyverhaal, geen thriller.
  • Lemaitre, Pierre – Drie dagen en levenslang. VN 4, ik 5. De tekst is vol lof, alleen maar positief en dan 4 sterren?
  • Lindquist, John Ajvide – Ik zal je altijd vinden. Beide 2. Tamelijk bizar en soms ronduit idioot verhaal dat met 2 sterren aardig wegkomt.
  • Hjorth Rosenfeldt – De test. VN 4, ik 3. VN: “Het schrijversduo begint tegen bepaalde grenzen aan te schuren”. Gedoeld wordt op de privé beslommeringen van de hoofdpersonen. Ik vond het over de grens heen gaan.
  • Ruiters, Ilse – Later als ik dood ben. VN 3, ik 4. Ik kan mij vinden in de motivering, doch omdat het zo lekker is geschreven had ik er 1 ster meer voor over.

Natuurlijk is het een beperkte vergelijking, slechts vijftien boeken. Totaal geeft VN 51 sterren en ik 49. De overeenkomsten zijn meestal groot, qua waardering en motivering. Verschillen zijn er en dat zal nooit anders zijn, maar ze zijn in de meeste gevallen verwaarloosbaar.

 

Share

Geef een reactie