Het begint bijna een traditie te worden: in de eerste helft van het jaar verschijnt een nieuw deel in de reeks Waddenthrillers van Mathijs Deen met Liewe Cupido in de hoofdrol. De loods is het vierde deel van deze reeks thrillers die zich vooral op de Wadden afspelen.
Vaak misbruikt men het predicaat literaire thriller uit marketingoogpunt. Meestal is het misplaatst omdat het literair nauwelijks iets te bieden heeft, maar in het geval van De redder is dat anders. Mathijs Deen heeft er een verhaal van gemaakt dat weliswaar raakt aan een handeling die je als crimineel kunt beschouwen, maar het is meer dan dat. Het gaat over menselijk gedrag in al zijn verschillende aspecten, het is een mooie sfeertekening en het geeft een prachtig beeld van de cultuur van reddingswerkers: zwijgzame types want praten over het werk is not done, van onderlinge verbondenheid en solidariteit en alle dilemma’s die dat met zich meebrengt.
Inmiddels zijn wij bij het negende deel beland van de serie over afdeling Q met Carl Mørck als opperhoofd van dit kleine clubje in de centrale rol. Om de spanning maar gelijk weg te nemen: Natriumchloride is het zwakste deel in deze reeks van Jussi Adler-Olsen.
Na het eerste deel, Mindful moorden, dat mij zeer goed beviel, kon ik de verleiding niet weerstaan om al snel aan het vervolg te beginnen. De titel daarvan is intrigerend: Het kind in mij wil mindful moorden. Ook nu is Karsten Dusse weer goed op dreef!
Langzaam maar zeker begint het aantal boeken dat is geïnspireerd door de klimaatcrisis toe te nemen. Tegen de stroom, de debuutroman van Dennis Heijn, behoort daar ook toe. Centraal daarin staat de ontvoering van de zoon van een topman van Shell met als doel om deze moloch van koers te doen veranderen. Het doel kun je sympathiek noemen, het middel is bedenkelijk, zelfs als je “nood breekt wetten” als positie inneemt.
Dit boek was mij geheel ontgaan en zonder de tip van de heren van De nieuwe contrabas zou ik er niet snel op zijn gekomen om Mindful moorden van Karsten Dusse te lezen. Gelukkig zijn er nog mensen die ook oog hebben voor boeken vanuit oostelijke richting in plaats van de blik vooral op Nederland, en alles wat uit westelijke en noordelijke richting onze kant op komt, te richten. Het zijn vrij zeldzame uitzonderingen in dit boekenlandschap.
Cormoran Strike is een interessante hoofdpersoon zoals je die wel vaker tegenkomt in thrillerseries: een problematisch privéleven, een afkomst waaraan hij liever niet herinnerd wil worden, een carrière die na een vervelende ervaring ertoe heeft geleid dat hij zich maar heeft gevestigd als privédetective, hij moet toch wat, en een praktijk die hem geregeld in een lastig parket brengt. Het slechte pad is het derde en tot nu toe het beste deel in deze reeks van Robert Galbraith.
Bij het woord detective zal de naam Sherlock Holmes vermoedelijk bij de meeste mensen als eerste te binnen schieten. Zijn naam is iconisch, de verhalen over hem zijn al in vele soorten en maten (her)uitgebracht en verfilmd. Een studie in rood is de eerste titel van de reeks die Arthur Conan Doyle aan hem en zijn onafscheidelijke assistent John Watson is gewijd.
Vrijwel precies een jaar na de eerste Waddenthriller, De Hollander van Mathijs Deen, is deel twee verschenen, De duiker. Het eerste boek viel vooral op door de uitvoerige en fraaie beschrijvingen van het Waddengebied, de plot was niet bijzonder. Dit boek heeft hij in alle rust kunnen schrijven tijdens een verblijf op Vlieland als “artist in residence“. Het is te zien aan het resultaat. De aandacht voor de omgeving is er nog steeds, maar beter gedoseerd, en de plot is een stuk beter.
Vakantie en helaas een beetje last van gezondheidsklachten, niets ernstigs, wel hinderlijk. Als je dan toch wat wilt lezen dan is de weg van de minste weerstand wel zo aanlokkelijk. De keus viel op Blauwe maan van Lee Child. Het is deel 24 in de reeks met Jack Reacher in de hoofdrol. Alle boeken in die reeks kennen een vergelijkbare opbouw, er zijn veel telkens terugkerende elementen, de hoofdpersoon is voorspelbaar, net als de afloop. Hij wint. Logisch, anders zou de reeks abrupt eindigen. Dat zou jammer zijn, want ondanks het repetitieve is vrijwel elk deel behoorlijk genietbaar gebleken, op een enkele uitzondering na. Voorspelbaarheid troef, zou je denken. Nou, mooi niet, deze keer.